Hulp bij uitkering.

Samenvatting van onze hulp bij uitkering door Sociaal Verhaal.

Sociaal Verhaal verleent gratis hulp bij uitkering in de volgende situaties.

BEZWAAR BIJSTANDSUITKERING. GRATIS HULP BIJ BEZWAAR BIJSTANDSUITKERING

Wilt u een bezwaar bijstandsuitkering indienen? Bent u het niet eens met een door de gemeente genomen schriftelijke beslissing? U krijgt mogelijk geldproblemen! Maak altijd bezwaar. Sociaal Verhaal kan u “Hulp bij uitkering” verschaffen door heel Nederland. Zo maakt u meer kans dat u de uitkering (alsnog) krijgt.

SAMEN KIJKEN WE OF WE U GRATIS KUNNEN HELPEN MET UW BEZWAAR BIJSTANDSUITKERING

Via de site van het UWV kunt u uw bijstandsuitkering aanvragen. Het is echter de gemeente die beslist of u die uitkering ook gaat krijgen. Indien het besluit van de gemeente in uw nadeel uitvalt, wordt uw bijstandsuitkering gestopt, verlaagd of moet u uw bijstandsuitkering  helemaal of gedeeltelijk terugbetalen? Het is dan van het grootste belang dat u zo snel mogelijk, maar in elk geval binnen de termijn van zes weken, in actie komt. Is de termijn voorbij, dan kunt u geen bezwaar meer maken en krijgt u dus geen bijstand. Vul dus het contactformulier op onze site in of neem contact met ons op. We kijken dan samen hoe we u kosteloos kunnen helpen.

ZELF BEZWAAR MAKEN OF DOOR EEN ADVOCAAT?

U kunt natuurlijk ervoor kiezen om zelf bezwaar te maken tegen een besluit van de gemeente of het UWV en in sommige gevallen kan dat ook. Met name gezien de complexiteit van de regelgeving in het sociaal zekerheidsrecht en het tempo en de regelmaat waarmee bestaande regelingen worden vervangen door nieuwe regelingen, kan het echter behoorlijk ingewikkeld zijn om zelf bezwaar bijstandsuitkering aan te tekenen. Bovendien kan het verstrekkende gevolgen hebben voor uw zaak wanneer het bezwaarschrift onjuist of onvolledig is of bepaalde bezwaargronden ten onrechte niet worden aangevoerd. Wij adviseren u dan ook om u bij te laten staan door een gratis advocaat van Sociaal Verhaal. Via Sociaal Verhaal is dit gratis als u uw advocaat niet kunt betalen.

EEN GRATIS ADVOCAAT: HOE KAN DAT?

Indien u een advocaat nodig heeft via Sociaal Verhaal, dan is dat kosteloos als u geen geld heeft. Sociaal Verhaal werkt alleen met advocaten samen die op basis van gesubsidieerde bijstand (pro deo) werken. Wettelijk bent u dan een kleine eigen bijdrage verschuldigd, maar de advocaten waar Sociaal Verhaal mee samenwerkt, brengen u de wettelijke eigen bijdrage niet in rekening als u deze op grond van uw financiële positie niet kunt betalen. Neem dus direct contact met ons op om de mogelijkheden te bespreken. Een advocaat via Sociaal Verhaal is dan ook echt een gratis advocaat.

Velden met een * zijn verplicht.


Herkeuring WIA uitkering

MOET IK VOOR HULP BIJ UITKERING BIJ DE ADVOCAAT OF SOCIAAL VERHAAL OP KANTOOR LANGSKOMEN?

Het is niet noodzakelijk om langs te komen bij Sociaal Verhaal of bij een advocaat van Sociaal Verhaal op kantoor voor een bezwaar bijstandsuitkering. Sociaal Verhaal en haar advocaten helpen mensen door heel Nederland. De bezwaarschrift procedure is in de meeste gevallen volledig schriftelijk. Het is dan wel zaak dat wij al uw stukken snel en accuraat krijgen doorgemaild. Stuur uw stukken naar info@sociaalverhaal.com en wordt meteen teruggebeld om uw zaak te bespreken.

DE BEZWAARTERMIJN IS BIJNA VERSTREKEN. WAT KUNT U DAN DOEN?

Zes weken na dagtekening van het besluit kunt u geen bezwaar meer maken. Om deze periode te verlengen kunt u voor het verstrijken van die datum een pro forma bezwaar indienen. Zo heeft u meer tijd om daarna met goede gronden inhoudelijk uw ‘echte’ bezwaar in te dienen. U kunt dan altijd contact met ons opnemen om te kijken of u een zaak heeft en of wij u gratis kunnen helpen. De bezwaartermijn staat altijd op de laatste pagina van de beslissing vermeld waartegen u bezwaar kunt maken.

IS UW AANVRAAG VOOR EEN BIJSTANDSUITKERING AFGEWEZEN? WAT NU?

BIJSTANDSUITKERING AFGEWEZEN? BEZWAAR MAKEN!

De advocaten van Sociaal Verhaal zullen in overleg met u de gronden van bezwaar vorm geven zodat er naar aanleiding daarvan waar mogelijk alsnog een Participatiewet uitkering aan u zal worden toegekend.

Het bezwaar moet binnen zes weken worden ingediend. Na deze termijn wordt het besluit van de gemeente onherroepelijk en zal uw bezwaar niet-ontvankelijk worden verklaard.

Is uw aanvraag voor een bijstandsuitkering afgewezen? Onze advocaten helpen u direct, altijd gratis op basis van gefinancierde rechtsbijstand, de Nederlandse versie van de pro deo-regeling, en dienen voor u het bezwaar in.

Wilt u meer weten over de mogelijkheid van het indienen van bezwaar tegen het door u ontvangen besluit? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal, wij kunnen u zo nodig doorverwijzen naar één van onze advocaten.

BIJSTANDSUITKERING GESTOPT

Als u een bijstandsuitkering van de gemeente ontvangt, legt de gemeente u een aantal verplichtingen op waaraan u moet voldoen om het recht op deze uitkering te behouden. Indien u deze verplichtingen niet nakomt, dan kan uw uitkering door de gemeente worden stopgezet. Soms is dit voor een korte periode en soms zelfs ‘voor altijd’. Uw bijstandsuitkering wordt dan niet langer uitbetaald waardoor u financieel in de problemen komt en geen inkomen meer heeft.

Ook als de gemeente van mening is dat u ‘vanwege wijzigingen in uw persoonlijke omstandigheden’ geen recht meer heeft op een bijstandsuitkering kan uw uitkering – soms zelfs met terugwerkende kracht – worden stopgezet. Hiervan kan bijvoorbeeld sprake zijn indien de gemeente van mening is dat u ‘samenwoont’ of dat u ‘feitelijk niet woont op het adres waar u staat ingeschreven’.

Hoewel er dan ook genoeg redenen kunnen zijn voor een Gemeente om uw uitkering stop te zetten, blijkt deze stopzetting lang niet altijd terecht. Neem daarom direct contact op met Sociaal Verhaal voor een gesprek met onze advocaten om na te gaan of en zo ja welke maatregelen kunnen worden genomen om weer zo snel mogelijk uw uitkeringsgelden te kunnen ontvangen. Te denken valt daarbij aan zaken waarin er snel een oplossing moet worden gevonden. Onder meer door het voeren van een voorlopige voorzieningenprocedure waarbij aan de rechtbank kan worden verzocht om (voorschot)betalingen totdat in bezwaar of beroep een definitief besluit wordt genomen. Hierdoor heeft u ook gedurende de bezwaarprocedure voorlopig inkomen.

BIJSTAND VERPLICHTINGEN? WAARAAN VOLDOEN?

Hoewel onderstaande bijstand verplichtingen heel ruim dienen te worden geïnterpreteerd, heeft de rechter daar wel grenzen aan gesteld. Heeft u volgens de gemeente een of meerdere van voornoemde wettelijke bijstand verplichtingen geschonden en is uw uitkering op basis daarvan gekort of zelfs beëindigd en wil u weten of dat terecht is gebeurd? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal voor een gesprek met een van onze advocaten.

BIJSTAND VERPLICHTINGEN? EEN OVERZICHT

Bijstand Verplichtingen              Uitleg

Legitimatieplicht            U moet u, als de gemeente dat vraagt, legitimeren met een geldig legitimatiebewijs. Dit speelt bijvoorbeeld in de aanvraagfase zodat de gemeente aan de hand van uw identiteit kan bepalen of u recht heeft op bijstand.

Inlichtingenplicht           U bent verplicht alle wijzigingen in uw situatie die van invloed kunnen zijn op uw recht op bijstand te melden bij uw gemeente. Dat geldt niet alleen voor inkomsten of (op geld waardeerbare) zelfstandige activiteiten maar bijvoorbeeld ook als u een studie wilt gaan volgen, op vakantie wilt gaan, een alternatieve straf moet ondergaan of vrijwilligerswerk wilt doen. Houdt u zich niet aan deze verplichting dan kan de gemeente uw bijstandsuitkering verlagen of zelfs beëindigen indien hierdoor het recht op bijstand niet langer vast te stellen is.

Arbeidsplicht    U bent verplicht alles te doen om zo snel mogelijk betaald werk te vinden. De gemeente kan u daar bij helpen. Doet de gemeente dat, dan bent u verplicht mee te werken. In uitzonderingssituaties kunt u worden vrijgesteld van de arbeidsplicht, bijvoorbeeld als u duurzaam en volledig arbeidsongeschikt bent of als u een alleenstaande ouder bent die de volledige zorg heeft voor een kind jonger dan 5 jaar. Voldoet u niet aan deze plicht dan zal de gemeente uw uitkering gedurende 1 tot 3 maanden verlagen met 100%, tenzij u niets te verwijten valt.

Plicht om een tegenprestatie te verrichten      U bent verplicht om een tegenprestatie naar vermogen te verrichten als de gemeente dat van u vraagt. U moet dan onbetaalde voor de maatschappij nuttige dingen doen. Dit werk hoeft niet bij te dragen aan uw re-integratie. De gemeente bepaalt de inhoud, omvang en duur van de tegenprestatie, al zijn daar in de rechtspraak inmiddels al wel grenzen aan gesteld. Weigert u een tegenprestatie dan kan de gemeente uw uitkering verlagen.

Re-integratieplicht        U bent verplicht om gebruik te maken van een re-integratie voorziening die de gemeente u kan aanbieden. De gemeente kan u een voorziening aanbieden die gericht is op werk en/of sociale activering. De gemeente kan een plan van aanpak voor uw re-integratie opstellen. U bent verplicht om daaraan mee te werken. Doet u dat niet dan kan de gemeente uw uitkering verlagen.

Medewerkingsplicht    Indien de gemeente dat vraagt bent u verplicht uw medewerking te verlenen aan onder meer het afleggen van een huisbezoek, het laten opstellen van een medisch advies, een onderzoek om vast te stellen of u nog recht heeft op bijstand of een fraudeonderzoek. Als u zich niet aan deze verstrekkende medewerkingsplicht houdt kan dat verstrekkende gevolgen hebben voor uw uitkering. Zo kan deze bijvoorbeeld worden opgeschort, verlaagd of zelfs beëindigd.

Geen onnodig beroep op bijstand         U bent verplicht geen onnodig beroep op de bijstand te doen. Daarvan is bijvoorbeeld sprake als u een andere uitkering te laat heeft aangevraagd of uw vermogen te snel heeft opgemaakt. Omdat deze toets vaak bij de aanvraag van uw uitkering wordt uitgevoerd zal dit veelal tot afwijzing van uw aanvraag leiden.

Correct gedrag U bent verplicht u correct te gedragen tegenover alle medewerkers van de gemeente. U mag bijvoorbeeld niet schelden, niet discrimineren en geen vernielingen aanrichten. Bij overtreding van deze plicht kan u onder meer de toegang tot gebouwen van de gemeente worden ontzegd. Als u zich zeer ernstig misdraagt kan de gemeente uw bijstandsuitkering ook verlagen.

Budgetteringsplicht      Vindt de gemeente het nodig, dan kan ze u de budgetteringsplicht opleggen. De gemeente kan dan namens u betalingen verrichten. Zo kan de gemeente bijvoorbeeld rechtstreeks uw huur betalen of uw vaste lasten zoals gas, water en licht. Indien u weigert om de gemeente te machtigen om betalingen in uw naam te doen terwijl zij dat (veelal vanwege een problematische schuldenpositie) wel nodig acht dan kan dat gevolgen hebben voor uw recht op (bijzondere) bijstand.

Overige verplichtingen               De gemeente kan u nog andere verplichtingen opleggen. Ze kan bijvoorbeeld bepalen dat u verplicht bent uw ex-partner alimentatie te vragen. De gemeente heeft echter tevens een zogenaamd verhaalsrecht en kan op basis daarvan ook zelfstandig een verzoek indienen bij de rechtbank tot vaststelling van een door uw ex-partner te betalen alimentatiebijdrage.

Daarnaast moeten bijstandsgerechtigden sinds januari 2016 de Nederlandse taal voldoende beheersen. Spreekt u de Nederlandse taal niet en wilt u zich ook niet voldoende inspannen om de taal te leren dan leidt dit veelal tot verlaging van uw uitkering.

Is uw uitkering gestopt of afgewezen? neem dan contact op met Sociaal Verhaal.

GEEN RECHT OP BIJSTANDSUITKERING VOLGENS DE GEMEENTE

Het is mogelijk dat u of uw partner geen recht op bijstandsuitkering heeft.

U of uw partner heeft geen recht op bijstandsuitkering, want:

  • een van u is gedetineerd of zou in detentie moeten verblijven;
  • een van u verblijft langer dan toegestaan in het buitenland;
  • een van uw is jonger dan 27 jaar en laat duidelijk merken dat hij zijn verplichtingen niet wil nakomen;
  • een van u is geen Nederlander of hier te lande woonachtige vreemdeling die rechtmatig in Nederland verblijf houdt. (Asielzoekers met een verblijfstatus kunnen bijvoorbeeld ook bijstand krijgen.)

Gevolgen voor de andere partner

Als de andere partner niet is uitgesloten en wél aan de voorwaarden voldoet kan hij of zij recht hebben op bijstand. De norm is gelijk aan 50% van de gehuwdennorm indien:

  • de andere partner 21 jaar of ouder is en geen kostendelendemedebewoners heeft; dan wel
  • de andere partner jonger dan 21 jaar is

BIJSTAND VOOR DE PARTNER DIE WEL RECHT HEEFT

Degene op wie een van bovenstaande situaties van toepassing is, heeft in principe geen recht op bijstandsuitkering. Als de andere partner wel aan de voorwaarden voor een bijstandsuitkering voldoet, dan heeft diegene wel recht op bijstand. Daarbij is het volgende van belang:

  1. Met de inkomsten van de partner die geen recht heeft, wordt rekening gehouden. De gemeente houdt rekening met de inkomsten de partner die geen recht op bijstandsuitkering heeft. Als de bijstand en de inkomsten van de partner samen hoger zijn dan de bijstand die u zou ontvangen als u wel beiden recht op bijstand zou hebben, worden deze gekort op uw bijstand. Alleen het meerdere wordt gekort.
  2. Met het vermogen van de partner die geen recht heeft, wordt rekening gehouden. De gemeente houdt rekening met het eigen vermogen van de partner die geen recht op bijstand heeft. Samen mag u niet meer eigen vermogen hebben dan € 11.790.

BAAN VERLOREN OF GEEN INKOMEN?

Heeft u net uw baan verloren of heeft u om een andere reden op dit moment geen inkomen en vraagt u zich af wat nu?

Het enige dat u kunt doen is zo snel mogelijk weer een vaste inkomstenbron regelen. Het moet namelijk wel mogelijk blijven om alle rekeningen te betalen en in de noodzakelijke kosten van uw bestaan te voorzien. Tenzij u al een nieuwe baan heeft gevonden zult u daarom na moeten gaan of u in aanmerking komt voor een uitkering.

Als u net uw baan heeft verloren maar dit niet aan u te wijten is en u bovendien lang genoeg heeft gewerkt om rechten op te bouwen in dat verband, komt u de eerste tijd vaak in aanmerking voor een WW-uitkering.

Het is van belang dat u binnen 1 week na uw eerste werkloosheidsdag een WW-uitkering aanvraagt bij het UWV. Doet u dat niet dan krijgt u namelijk tijdelijk minder uitkering toegewezen en heeft u dus geen inkomen.

VÓÓR 1 JANUARI 2016 WERKLOOS GEWORDEN

Indien u vóór 1 januari 2016 werkloos bent geworden duurt uw WW-uitkering minimaal 3 en (afhankelijk van uw arbeidsverleden) maximaal 38 maanden. Bent u op of na 1 januari 2016 werkloos geworden dan dient u er rekening mee te houden dat de maximale duur van de WW in stappen korter wordt. Ieder kwartaal gaat er een maand vanaf totdat de WW-uitkering met ingang van 1 april 2019 nog maximaal 24 maanden duurt.

RECHT OP BIJSTAND

Heeft u geen recht (meer) op een WW-uitkering dan heeft u mogelijk recht op bijstand. Deze (Participatiewet)uitkering is qua hoogte gebaseerd op het minimumloon en is (via www.werk.nl ) aan te vragen bij het UWV en de gemeente. Om voor deze uitkering in aanmerking te komen dient u onder meer in Nederland woonachtig te zijn, 18 jaar of ouder te zijn, te weinig of geen inkomen te hebben om in uw levensonderhoud te voorzien en geen recht te hebben op een andere uitkering. Bovendien dient u als werkzoekende ingeschreven te staan op werk.nl en mag u niet beschikken over vermogen boven de geldende vermogensgrens. De vermogensgrens 2016 voor bijstand ligt voor een alleenstaande op € 5.920. Voor een alleenstaande ouder en voor een gezamenlijke huishouding ligt de grens op € 11.840. (2016)

RECHT OP BIJZONDERE BIJSTAND

Voor zover u geen beroep kunt doen op een bijstandsuitkering, kunt u mogelijk nog aanspraak maken op bijzondere bijstand. Deze door de gemeente uitgevoerde regeling staat los van de algemene bijstand en kan door rechthebbenden met onvoldoende draagkracht c.q. met een inkomen op bijstandsniveau worden aangevraagd worden voor bijzondere onvoorziene kosten zoals medische uitgaven, een kapotte wasmachine of een nieuwe bril.

INDIVIDUELE INKOMENSTOESLAG

De individuele inkomenstoeslag is een eenmalige uitkering voor wie langdurig heeft moeten rondkomen van een laag inkomen en geen uitzicht op inkomensverbetering heeft. Uw gemeente bepaalt (in een verordening) wat zij verstaat onder een langdurig laag inkomen. De aanvraag voor deze toeslag moet worden ingediend bij de gemeente en wordt ook door haar uitbetaald. Mogelijk heeft uw gemeente naast de individuele inkomenstoeslag nog andere regelingen voor mensen met een laag inkomen. Het is dan ook raadzaam om de gemeente navraag te doen naar de geldende minimavoorzieningen.

HULP NODIG? VRIJBLIJVEND CONTACT OPNEMEN

Het is natuurlijk mogelijk dat u problemen ondervindt bij de aanvraag van een van voornoemde uitkeringen of regelingen. Zo kan uw aanvraag onterecht worden geweigerd of kan een lopende uitkering ineens stop worden gezet. Dan is het goed om te weten dat Sociaal Verhaal u hierbij kan helpen. Neem dus gerust vrijblijvend contact met ons op.

Sociaal Verhaal helpt u met problemen die u heeft met de gemeente omtrent uw bijstandsuitkering.

BIJSTANDSUITKERING BEËINDIGD, INGETROKKEN EN/OF TERUGGEVORDERD?

Heeft u bericht ontvangen van de gemeente dat uw bijstandsuitkering wordt beëindigd, ingetrokken en/of teruggevorderd omdat u deze onterecht zou hebben ontvangen? U loopt het risico dat u een fors bedrag moet terugbetalen. Laat een dergelijk besluit daarom altijd beoordelen door Sociaal Verhaal en zonnodig door een van onze advocaten. Dit kan gratis door een pro deo advocaat.

Helaas komt het weleens voor dat u ten onrechte en/of tot een te hoog bedrag bijstand heeft ontvangen en verplicht wordt het teveel betaalde geld terug te betalen aan de gemeente. Daarbij wordt er afhankelijk van de mate van verwijtbaarheid bovendien soms ook nog een boete opgelegd.

Veel voorkomende vormen van onterechte of tot een te hoog bedrag ontvangen uitkeringen:

  1. U woont samen zonder dat te melden bij de gemeente;
  2. U ontvang een bijstandsuitkering terwijl u daarnaast bijverdient;
  3. U woont feitelijk niet op het adres waar u staat ingeschreven;
  4. Uw onderhoudsplichtige ex-partner heeft inkomen terwijl u bijstand ontvangt.

In het laatste geval kan naast uzelf overigens ook uw ex-partner door de gemeente worden aangesproken. Mocht hij of zij ook behoefte hebben aan bijstand, neem dan direct contact op.

UITKERINGSFRAUDE?

Lang niet in alle gevallen waarin er volgens de gemeente ten onrechte of tot een te hoog bedrag uitkering is uitbetaald, blijkt dit ook daadwerkelijk zo te zijn. Zo komt het geregeld voor dat uit het door de gemeente uitgevoerde onderzoek blijkt dat niet aan alle voorwaarden wordt voldaan om te kunnen spreken van een gezamenlijke huishouding of het niet houden van domicilie op het opgegeven adres. De gemeente kan u dan van uitkeringsfraude betichten.

Wilt u weten of het ook in uw geval zinvol is om bezwaar of beroep in te dienen tegen het door u ontvangen besluit? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal of met één van onze advocaten.

VOORLOPIGE VOORZIENING ONTERECHTE UITKERING

Indien de gemeente uw uitkering vanwege vermeende onterecht ontvangen uitkering heeft stopgezet en u misschien zelfs wel aanspreekt tot terugbetaling daarvan, kan er al snel een financiële noodsituatie ontstaan. Om verdere problemen te voorkomen kunnen onze advocaten voor u een voorlopige voorziening vragen aan de rechtbank. Op die manier kunnen de nadelige gevolgen van de stopzetting zoveel mogelijk worden weggenomen totdat in bezwaar of beroep een definitief besluit wordt genomen.

Neem daarom direct contact op met Sociaal Verhaal een van onze advocaten om de mogelijkheden in uw zaak te bespreken.

WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING (WMO) 2015

De Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) is een per 1 januari 2015 ingevoerde wet die de basis vorm van het stelsel van Zorg en Welzijn. Dit stelsel bestaat naast de Wmo 2015 ook uit de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Zorgverzekeringswet (Zvw).

Ondersteuning thuis is een taak van de gemeente geworden. Voorbeelden van ondersteuning thuis zijn begeleiding, dagbesteding en beschermd wonen. Gemeenten zijn bovendien ook verantwoordelijk voor alle jeugdhulp.

Verpleging en verzorging thuis zijn onderdeel van het basispakket van uw zorgverzekering en vallen onder de Zorgverzekeringswet (Zvw). Voorbeelden van verpleging en verzorging thuis zijn het toedienen van medicijnen en hulp bij het douchen.

Het rijk blijft verantwoordelijk voor de zorg aan mensen die de hele dag intensieve zorg en toezicht dichtbij nodig hebben. Deze zorg valt onder de Wet langdurige zorg (Wlz).

Sinds 1 januari 2015 zijn gemeenten, zorgverzekeraars en het rijk dus samen verantwoordelijk voor de zorg.

WELKE HULP KUNT U VAN DE GEMEENTE KRIJGEN VANUIT DE WMO 2015?

Wie maatschappelijke ondersteuning nodig heeft, kan een beroep doen op de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) 2015. De gemeente onderzoekt met u welke ondersteuning u nodig heeft. Dat kan een maatwerkvoorziening of een algemene voorziening zijn. Een maatwerkvoorziening is afgestemd op uw situatie, zoals aanpassingen in uw woning. Een algemene voorziening staat open voor iedereen. Bijvoorbeeld een boodschappendienst.

MAATWERKVOORZIENING

Voorbeelden maatwerkvoorzieningen zijn vervoersvoorzieningen, dagbesteding op maat, individuele begeleiding, aanpassingen in de woning (zoals een traplift), een beschermde woonplek, respijtzorg, ondersteuning van mantelzorgers en huishoudelijke hulp (zoals hulp bij het opruimen, schoonmaken en ramen zemen).

Medische hulp valt niet onder een maatwerkvoorziening terwijl een rolstoel dat alleen kan zijn indien u deze voor langere tijd nodig heeft. Voor hulpmiddelen voor tijdelijk gebruik dient u contact op te nemen met de thuiszorgwinkel of uw zorgverzekeraar.

ALGEMENE VOORZIENING

Soms bent u geholpen met een algemene voorziening. Een algemene voorziening is vrij toegankelijk, zonder voorafgaand onderzoek naar uw persoonlijke omstandigheden. Voorbeelden van algemene voorzieningen zijn de boodschappendienst, maaltijdverzorging (tafeltje-dekje), maatschappelijke opvang (bijvoorbeeld blijf-van-mijn-lijfhuizen en daklozenopvang). De gemeente mag een bijdrage vragen voor het gebruik van deze algemene voorziening.

HOE KRIJG IK ONDERSTEUNING VAN DE GEMEENTE VANUIT DE WMO 2015?

Meldt u zich bij de gemeente met het verzoek om ondersteuning dan moet de gemeente onderzoek doen naar uw persoonlijke situatie. Het onderzoek gebeurt samen met u en eventueel mensen in uw omgeving zoals bijvoorbeeld uw mantelzorger. Ook kunt u de gemeente vragen een onafhankelijke cliëntondersteuner voor u te regelen, welke ondersteuning gratis is.

De gemeente moet het onderzoek binnen 6 weken na uw melding verrichten. Bij het onderzoek wordt gekeken naar uw behoeften en wensen. De gemeente bekijkt eerst wat u zelf nog kan en of andere mensen uit uw sociale netwerk u eventueel kunnen helpen. Ook kijkt de gemeente of u zorg en ondersteuning krijgt of kan krijgen vanuit andere wetten, zoals de Zorgverzekeringswet, Participatiewet of de Jeugdwet.

Indien uit het onderzoek blijkt dat u onvoldoende zelfredzaam bent of niet goed kunt meedoen in de maatschappij en ook uw netwerk niet bij kan dragen (middels gebruikelijke hulp), dan is de gemeente verplicht ondersteuning te bieden in de vorm van een maatwerkvoorziening of algemene voorziening.

GEBRUIKELIJKE HULP

Gebruikelijke hulp is de hulp die in het algemeen mag worden verwacht van uw echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Onder gebruikelijke hulp kan ook gebruikelijke zorg vallen. Gebruikelijke zorg is de zorg die gezinsleden normaal aan elkaar verlenen binnen het huishouden, omdat ze samen verantwoordelijk zijn voor dat huishouden. Is iemand binnen uw huishouden door een probleem of gebrek niet in staat huishoudelijke taken te verrichten, dan mag de gemeente van de andere personen in uw huishouden verwachten dat zij (een deel van) de taken overnemen. Uw gemeente mag zelf bepalen van welke personen dat wordt verwacht. De gemeente kan bijvoorbeeld bepalen dat van kinderen beneden een bepaalde leeftijd niet kan worden verwacht dat ze bepaalde taken overnemen.

HOE MAAK IK BEZWAAR TEGEN EEN BESLISSING OP GROND VAN DE WMO 2015?

Als u het niet eens bent met de vastgestelde (maatwerk)voorziening of meent dat de gemeente geen goed onderzoek heeft verricht, kunt u binnen 6 weken na de beslissing bezwaar instellen. Dit doet u door een bezwaarschrift in te dienen bij de gemeente die de beslissing heeft genomen. In dit bezwaarschrift geeft u aan waarom u het niet eens bent met de beslissing.

De gemeente moet binnen 6 weken een beslissing nemen op uw bezwaarschrift, welke termijn echter met 6 weken kan worden verlengd. In de beslissing op uw bezwaarschrift moet de gemeente aangeven waarom zij tot dit besluit is gekomen.

Indien u het niet eens bent met de beslissing op bezwaar die de gemeente heeft genomen kunt u in beroep gaan bij de rechtbank. Uw beroepschrift moet binnen 6 weken nadat u de beslissing op bezwaar heeft ontvangen zijn ingediend.

Bent u het na afloop van de beroepsprocedure ook niet eens met het besluit van de rechtbank? Dan kunt u in hoger beroep gaan bij de Centrale Raad van Beroep. Ook hiervoor geldt een termijn van 6 weken.

BIJSTAND VAN ADVOCATEN SOCIAAL VERHAAL

Wenst u bezwaar of (hoger) beroep in te dienen tegen een besluit dat de gemeente in het kader van de WMO 2015 heeft genomen? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal voor een gratis advocaat voor deskundige hulp bij uw bezwaar of beroep jegens de gemeente.

Sociaal Verhaal, biedt gratis juridisch advies en zorgt voor professionele rechtshulp. neem vrijblijvend contact met ons op om te bespreken wat wij voor u kunnen doen.

HOE WORDT DE EIGEN BIJDRAGE VOOR DE WMO VASTGESTELD?

Voor zorg uit de Wlz en ondersteuning uit de Wmo 2015 betaalt u een eigen bijdrage. U krijgt een brief (beschikking) waarin staat hoeveel u moet betalen. Ontvangt u verpleging of verzorging thuis via uw zorgverzekeraar? Dan betaalt u geen eigen bijdrage.

Bent u 18 jaar of ouder, dan betaalt u een eigen bijdrage voor ondersteuning die u thuis krijgt uit de Wmo 2015. Het CAK int de eigen bijdrage voor een maatwerkvoorziening in uw gemeente. Op de website van het CAK kunt u een globale indicatie krijgen van de hoogte van uw eigen bijdrage voor de ondersteuning die u thuis krijgt vanuit de Wmo 2015.

De hoogte is afhankelijk van uw inkomen, vermogen, leeftijd en gezinssamenstelling. U betaalt echter nooit meer dan uw maximale periodebijdrage en eigen bijdrage voor Wmo-ondersteuning mag ook niet hoger zijn dan de kostprijs die de gemeente betaalt. Bovendien geldt er een maximale eigen bijdrage voor huishoudens voor het geval meerdere gezinsleden een eigen bijdrage uit de Wmo 2015 of de Wlz-zorg hebben te betalen.

PERSOONSGEBONDEN BUGET (PGB)

Indien u in aanmerking komt voor hulp uit de Wmo 2015 zijn er 2 mogelijkheden om de ondersteuning te regelen, via een persoonsgebonden budget of in natura.

ZORG IN NATURA

Indien u het regelwerk liever aan de gemeente over laat kiest u het beste voor zorg in natura. De gemeente bepaalt dan bijvoorbeeld wat voor soort rolstoel u krijgt of wie u helpt in de huishouding.

PERSOONSGEBONDEN BUDGET (PGB)

U kunt er echter ook voor kiezen om zelf ondersteuning in te kopen met een pgb. Met een pgb kunt u bijvoorbeeld ook een andere rolstoel of scootmobiel kopen dan het standaardmodel van de gemeente. Het geld komt niet op uw eigen rekening. In plaats daarvan zorgt de Sociale Verzekeringsbank voor de betaling.

WAAR VRAAG IK EEN PERSOONSGEBONDEN BUDGET (PGB) AAN?

U vraagt een persoonsgebonden budget (pgb) aan bij het zorgkantoor, de zorgverzekeraar of bij de gemeente. Waar u moet zijn, hangt af van de zorg die u nodig heeft.

ZWARE, LANGDURIGE ZORG: PGB UIT WET LANGDURIGE ZORG (WLZ)

Heeft u zware zorg nodig uit de Wet langdurige zorg (Wlz)? Dan kunt u die zorg eventueel ook thuis krijgen. Maar alleen als zorg thuis verantwoord is en de kosten niet hoger zijn dan de opname in een instelling. Als u een pgb aanvraagt, nodigt het zorgkantoor u uit voor een gesprek om te kijken wat het beste bij u past. De belangrijkste voorwaarden zijn:

  1. U beschrijft in een budgetplan welke zorg u inkoopt en bij welke zorgverlener(s);
  2. U sluit met elke zorgverlener een contract af en voegt daar telkens een zorgbeschrijving bij. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) betaalt de zorgverlener;
  3. U mag een vertegenwoordiger aanwijzen die het pgb voor u beheert. Dit kan ook verplicht zijn;
  4. U mag geen behandeling betalen uit het pgb.

ONDERSTEUNING AAN HUIS: PGB UIT WET MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING (WMO) 2015

Bij ondersteuning aan huis kunt u kiezen uit hulp in natura of een pgb. U vraagt het pgb aan bij de gemeente. De SVB betaalt u uit. De belangrijkste voorwaarden zijn:

  1. U moet duidelijk aangeven waarom u een pgb wilt. De gemeente kijkt of een pgb bij u past;
  2. De gemeente beoordeelt de kwaliteit van de diensten en hulpmiddelen die u inkoopt.

De hoogte is afhankelijk van uw inkomen, vermogen, leeftijd en gezinssamenstelling. U betaalt echter nooit meer dan uw maximale periodebijdrage en eigen bijdrage voor Wmo-ondersteuning mag ook niet hoger zijn dan de kostprijs die de gemeente betaalt. Bovendien geldt er een maximale eigen bijdrage voor huishoudens voor het geval meerdere gezinsleden een eigen bijdrage uit de Wmo 2015 of de Wlz-zorg hebben te betalen.

WET LANGDURIGE ZORG (WLZ)

Het rijk blijft verantwoordelijk voor de zorg aan mensen die de hele dag intensieve zorg en toezicht dichtbij nodig hebben. Te denken valt daarbij aan kwetsbare ouderen en gehandicapten. Deze zorg valt onder de Wet langdurige zorg (Wlz). Dit is de opvolger van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ).

WELKE ZORG KAN IK KRIJGEN VIA DE WET LANGDURIGE ZORG (WLZ)?

Met een Wlz-indicatie heeft u recht op passende zorg met verblijf in een instelling. U mag ook thuis (blijven) wonen als u dat wilt, maar levering van de zorg thuis moet wel verantwoord zijn. Het is de taak van uw zorgkantoor om dat te beoordelen. Onderdelen van zorg vanuit de Wlz kunnen zijn:

– verblijf in een instelling;

– persoonlijke verzorging en verpleging;

– geneeskundige zorg die noodzakelijk is in verband met de aandoening, beperking of stoornis;

– algemene geneeskundige zorg (huisartsenzorg);

– hulpmiddelen die nodig zijn voor door de instelling gegeven zorg;

– vervoer naar de plaats waar u de begeleiding of de behandeling krijgt.

HOE VRAAG IK EEN INDICATIE VOOR WLZ-ZORG AAN?

U vraagt een Wlz-indicatie aan bij het Centrum indicatiestelling zorg (CIZ). Het CIZ kijkt of u voldoet aan de in de wet gestelde voorwaarden. Een belangrijke voorwaarde is dat u altijd toezicht nodig heeft of dat er 24 uur per dag zorg dichtbij moet zijn.

Heeft u echter niet de hele dag intensieve zorg en toezicht nodig, maar wel een aantal uur verpleging en verzorging thuis? Dan kunt u dit mogelijk via de Zorgverzekeringswet ontvangen. De wijkverpleegkundige kan u hierbij helpen.

Om een beslissing te kunnen nemen op uw aanvraag, verzamelt het CIZ informatie over u. Bijvoorbeeld over uw gezondheid en over uw huishouden. Het CIZ voert altijd een gesprek met u.

ONDERSTEUNING BIJ HET AANVRAGEN VAN EEN WLZ-INDICATIE

Bij het invullen van de aanvraag kunt u zich laten ondersteunen. Het zorgkantoor is verantwoordelijk voor deze onafhankelijke cliëntondersteuning. De ondersteuning is gratis. Adressen van de verschillende zorgkantoren vindt u op de website van Zorgverzekeraars Nederland.

BESLUIT OVER WLZ-INDICATIE

Indien u recht heeft op zorg vanuit de Wlz stelt het CIZ een zorgprofiel vast voor u. In een zorgprofiel staat de aard, inhoud en globale omvang van de zorg die u nodig heeft.

Het CIZ stuurt het indicatiebesluit naar u en het zorgkantoor in uw regio. Het zorgkantoor neemt dan contact met u op om u desgewenst te helpen met het vinden van een zorgaanbieder. U kunt dan nadere afspraken maken over de zorgverlening. Deze afspraken worden vastgelegd in het zorgplan. Ook hierbij kunt u onafhankelijke cliëntondersteuning krijgen.

KAN IK IN BEZWAAR TEGEN EEN WLZ-INDICATIE WAAR IK HET NIET MEE EENS BEN?

Indien u volgens het CIZ niet in aanmerking voor zorg vanuit de Wlz en u het daar niet eens bent, kunt u bezwaar maken bij het CIZ. Neem dan contact op met Sociaal Verhaal voor gratis hulp van een van onze deskundige.

Sociaal Verhaal, biedt gratis juridisch advies en zorgt voor professionele rechtshulp. neem vrijblijvend contact met ons op om te bespreken wat wij voor u kunnen doen.

BEZWAAR UWV | MAAK BEZWAAR BIJ HET UWV

Bent u het niet eens met een beslissing van het UWV? Bijvoorbeeld omdat uw uitkering wordt verlaagd of uw aanvraag voor een uitkering is afgewezen? Dan kunt u bezwaar maken tegen het UWV.

IK WIL HULP BIJ UITKERING VOOR BEZWAAR TEGEN EEN BESLISSING VAN HET UWV

Wilt u bezwaar maken, maar wilt of kunt u dit niet zelf doen? Dan kan zonodig een van de gespecialiseerde advocaten via Sociaal Verhaal de bezwaarprocedure voor u voeren als uw gemachtigde. Neem daarom direct contact met ons op. Heeft u meer tijd nodig om een bezwaarschrift te versturen? Bijvoorbeeld omdat u nog niet alle informatie heeft verzameld of omdat u nog met iemand wilt overleggen? Dan kan een gratis advocaat van Sociaal Verhaal een voorlopig (pro forma) bezwaarschrift voor u indienen.

DE BESLISSING OP BEZWAAR UWV

Het UWV neemt meestal binnen 13 weken een beslissing op uw bezwaarschrift. Als het om een medische of arbeidskundige beoordeling gaat is de termijn 17 weken. De termijn hangt dus af van het soort bezwaarschrift en van de uitkering die u heeft.

De beslissing over uw bezwaar wordt schriftelijk toegezonden. Het UWV geeft hierin aan of er iets aan het bestreden besluit is veranderd. Bijvoorbeeld dat het UWV het met u eens is en u toch een uitkering krijgt. Ook kan het zijn dat het UWV bij haar beslissing blijft.

Als u het ook met deze uitslag niet eens bent, kunt u in beroep gaan bij de rechter. Sociaal Verhaal beschikt over gespecialiseerde advocaten die u kosteloos in deze beroepsprocedure bijstaan. Neem daarom direct contact met ons op!

BINNEN WELKE TERMIJN MOET HET BEZWAAR UWV WORDEN INGEDIEND?

In de brief waar de beslissing van het UWV in staat, leest u hoe snel u een bezwaarschrift in moet dienen. Meestal is dit binnen 6 weken na de datum van de brief met de beslissing. Bij sommige Ziektewetbeslissingen is die termijn korter, namelijk 2 weken.

Zorg dat uw bezwaarschrift op tijd is want anders valt er niets meer te doen tegen het besluit waar u het niet mee eens bent.

HOE KRIJG IK GELD TIJDENS DE BEZWAARPROCEDURE?

Omdat de beslissing waartegen u bezwaar maakt geldig blijft zolang u nog geen uitslag heeft op uw bezwaar (zo blijft een korting op uw uitkering gedurende de hele procedure van kracht) kan het zo zijn dat u tijdens de bezwaarprocedure in geldnood komt. Dan kunt u (via werk.nl ) een bijstandsuitkering aanvragen bij uw gemeente.

Voorlopige voorziening

Het is onder omstandigheden ook mogelijk om de rechter te vragen om een voorlopige voorziening te treffen. U krijgt dan bijvoorbeeld een gedeeltelijk voorschot van UWV tot de uitslag van uw bezwaar bekend is. De rechter houdt bij de beoordeling hiervan rekening met uw financiële situatie. Ook bekijkt hij hoe groot de kans is dat u gelijk krijgt. Houd er wel rekening mee dat een voorschot altijd verrekend of terugbetaald moet worden.

Wilt u een voorlopige voorziening aanvragen? Neem dan direct contact op met Sociaal Verhaal voor een gespecialiseerde advocaat.

BEROEP UWV | BEROEP UWV AANTEKENEN

Bent u het niet eens met de beslissing op uw bezwaarschrift? Dan kunt u door het indienen van een beroepschrift in beroep gaan bij de rechtbank. U vraagt dan aan de rechter om een oordeel te geven over de beslissing van UWV. Wilt u dat een van onze advocaten u bijstaat in een beroepsprocedure? Neem contact op met Sociaal Verhaal!

HOE WERKT HET?

Als u een beroepschrift indient vraagt de rechtbank aan het UWV om een reactie. Deze reactie geeft het UWV in de vorm van een verweerschrift. Voordat de rechter een beslissing neemt vindt er vervolgens meestal een zitting plaats bij de rechtbank. Alle partijen mogen daarbij het woord voeren waarna de rechter binnen 6 weken schriftelijk uitspraak doet. Indien de rechtbank meer tijd nodig heeft laat zij dat schriftelijk weten onder vermelding van de datum waarop uiterlijk uitspraak wordt gedaan.

Ga in beroep tegen het UWV en krijg het geld waar u recht op heeft. Sociaal Verhaal geeft hulp bij uitkering.

HOE KRIJGT U GELD TIJDENS DE BEROEPSPROCEDURE?

Een beslissing van de rechtbank kan lang op zich laten wachten. Dat kan vervelend zijn. Bijvoorbeeld als uw uitkering is stopgezet en u geen andere inkomsten heeft. U kunt de rechtbank dan om een voorlopige voorziening vragen waarmee u bijvoorbeeld voorschotbetalingen van het UWV kan verkrijgen. U moet er rekening mee houden dat u dit voorschot terug moet betalen indien u bij de definitieve uitspraak alsnog in het ongelijk zal worden gesteld.

Wilt u een voorlopige voorziening aanvragen? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal voor een gratis advocaat.

BEZWAAR WAO WIJ HELPEN U GRATIS

Bent u het niet eens met een beslissing van het UWV? Bijvoorbeeld omdat uw WAO uitkering wordt verlaagd of uw aanvraag voor een WAO uitkering is afgewezen? Dan kunt u bezwaar maken.

IK GRAAG HULP BIJ UITKERING VOOR BEZWAAR WAO

Wilt u bezwaar maken, maar wilt of kunt u dit niet zelf doen? Dan kan een van onze gespecialiseerde advocaten de bezwaarprocedure voor u voeren als uw gemachtigde. Neem daarvoor contact op met Sociaal Verhaal. En heeft u meer tijd nodig om een bezwaarschrift te versturen? Bijvoorbeeld omdat u nog niet alle informatie heeft verzameld of omdat u nog met iemand wilt overleggen? Dan kunnen de advocaten van Sociaal Verhaal een voorlopig (pro forma) bezwaarschrift voor u indienen.

DE BESLISSING OP BEZWAAR

Indien u het niet eens bent met de beslissing van de gemeente over uw WAO-uitkering kunt u hier bezwaar tegen indienen bij het UWV. Tegen de beslissing op bezwaar kunt u zo nodig beroep instellen bij de rechtbank bij de rechtbank.

Onze gespecialiseerde advocaten kunnen u altijd bijstaan. Neem daarom nu contact met ons op!

Wat is een WAO uitkering?

De Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO) is in 2005 overgegaan in de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen, ook wel bekend als de WIA. Alle werknemers die in 2004 of daarna ziek zijn geworden kunnen na 2 jaar ziekte in aanmerking komen voor een WIA-uitkering.

Voor werknemers die vóór 1 januari 2004 ziek zijn geworden geldt echter nog steeds de WAO. Bovendien kunnen mensen die nu géén WAO-uitkering ontvangen maar deze eerder wel hadden en van wie de gezondheid slechter wordt, misschien opnieuw in aanmerking komen voor een WAO-uitkering.

Er zijn 2 soorten WAO-uitkeringen: de tijdelijke loondervingsuitkering WAO, en de vervolguitkering WAO. De hoogte van de uitkeringen is verschillend.

TIJDELIJKE LOONDERVINGSUITKERING WAO

U kunt de tijdelijke loondervingsuitkering alleen krijgen als u ouder bent dan 33 jaar. De hoogte van deze uitkering is gebaseerd op het loon dat u verdiende voordat u een WAO-uitkering kreeg. Als u 80% of meer arbeidsongeschikt bent, krijgt u maximaal 75% van het vroegere dagloon (waarbij wel een maximum dagloon – van € 202,17 – geldt). Bent u slechts gedeeltelijk arbeidsongeschikt dan is het percentage lager. Dit percentage wordt als volgt samen gesteld:

Arbeidsongeschiktheid               Loondervingsuitkering

80% of meer      75% van het vroegere loon

65 tot 80%          50,75% van het vroegere loon

55 tot 65%          42% van het vroegere loon

45 tot 55%          35% van het vroegere loon

35 tot 45%          28% van het vroegere loon

25 tot 35%          21% van het vroegere loon

15 tot 25%          14% van het vroegere loon

minder dan 15%              geen recht op uitkering

HOE LANG DUURT MIJN TIJDELIJKE LOONDERVINGSUITKERING WAO?

De duur van uw tijdelijke loondervingsuitkering hangt af van uw leeftijd op de eerste dag waarop uw WAO-uitkering inging en wordt als volgt vastgesteld:

Leeftijd op eerste WAO dag      Periode loondervingsuitkering

t/m 32 jaar         U krijgt direct een vervolguitkering

33 t/m 37 jaar    0,5 jaar

38 t/m 42 jaar    1 jaar

43 t/m 47 jaar    1,5 jaar

48 t/m 52 jaar    2 jaar

53 t/m 57 jaar    3 jaar

58 jaar of ouder 6 jaar

VERVOLGUITKERING WAO

Een vervolguitkering WAO krijgt u na afloop van de loondervingsuitkering WAO en is meestal lager. Dat komt omdat we bij het berekenen van uw vervolguitkering WAO nog maar voor een deel rekening houden met uw vroegere dagloon. U behoudt tot uw 65ejaar recht op uw vervolguitkering mits uw situatie niet verandert en u aan de voorwaarden voor een WAO-uitkering blijft voldoen.

Hoe hoog de vervolguitkering is hangt af van het vervolgdagloon. Het vervolgdagloon is het wettelijk minimumloon plus een verhoging. Het UWV berekent deze verhoging in 3 stappen:

Bereken het verschil tussen uw vroegere dagloon en het minimumloon;

Neem uw leeftijd op de eerste WAO-dag min 15, maal 2. Dit is een percentage;

De verhoging is het resultaat van stap 1 maal het percentage van stap 2.

Voor zover het dagloon lager of gelijk is aan het minimumloon, is het vervolgdagloon gelijk aan het dagloon.

MIJN GEZONDHEID IS VERSLECHTERD, WAT NU?

Als uw gezondheid beter of slechter wordt, kan dit gevolgen hebben voor de hoogte van uw WAO-uitkering. Meld een wijziging in uw gezondheid daarom binnen 1 week bij het UWV zodat uw situatie opnieuw kan worden beoordeeld door de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige.

Heeft het UWV uw gewijzigde gezondheidssituatie opnieuw beoordeeld en bent u het niet eens met de uitkomst van deze herbeoordeling? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal!

Indien uw gezondheid ná een eerdere beëindiging van uw WAO-uitkering verslechterd kan u opnieuw recht hebben op een WAO-uitkering indien:

Het slechter met u gaat door dezelfde ziekte of handicap waarvoor u eerder een uitkering heeft aangevraagd of gekregen;

Uw eerdere uitkering korter dan 5 jaar geleden is gestopt;

U minimaal 15% arbeidsongeschikt bent voor de WAO.

Uw WAO-uitkering kan in dat geval mogelijk ook al vanaf 4 weken na het moment dat uw gezondheid slechter werd, opnieuw ingaan.

WAT KOST HULP BIJ UITKERING VIA EEN ADVOCAAT VAN SOCIAAL VERHAAL?

Sociaal Verhaal verstrekt gratis hulp bij uitkering zonodig via gratis advocaten voor mensen met een uitkeringsprobleem.

ZELF EEN BEZWAAR INDIENEN OF DOOR EEN ADVOCAAT?

U kunt natuurlijk ervoor kiezen om zelf een bezwaar bij het UWV of de gemeente in te dienen indien u een probleem heeft met uw IOAW, IOW of IOAZ uitkering en in sommige gevallen kan dat ook. Met name gezien de complexiteit van de regelgeving en het tempo en de regelmaat waarmee bestaande regelingen worden vervangen door nieuwe regelingen, kan het echter behoorlijk ingewikkeld zijn om zelf bezwaar aan te tekenen. Bovendien kan het verstrekkende gevolgen hebben voor uw zaak wanneer het bezwaarschrift onjuist of onvolledig is of bepaalde bezwaargronden ten onrechte niet worden aangevoerd. Wij adviseren u dan ook om u bij te laten staan door een van onze gespecialiseerde advocaten. Dit kan bijna altijd gratis.

MIJN WAO-UITKERING IS MINDER DAN 4 WEKEN GELEDEN GESTOPT?

Kunt u sinds het moment dat uw uitkering minder dan 4 weken geleden is gestopt ineens minder werken omdat uw gezondheid slechter is geworden? Dan kunt u misschien opnieuw een WAO-uitkering krijgen. Dit kan ook indien uw klachten nu anders zijn dan bij uw eerdere WAO-aanvraag.

WELKE ANDERE INKOMSTEN HEBBEN INVLOED OP MIJN WAO-UITKERING?

Indien u een WAO-uitkering ontvangt en daarnaast gaat werken bij een werkgever of als zelfstandige, dan heeft dit (meestal) gevolgen voor uw inkomsten dus ook voor de hoogte van uw uitkering. Geef daarom al uw inkomsten uit werk (binnen 1 week) door aan het UWV aan ons door. Daarbij geldt dat u de eerste 5 jaar dat u werkt recht houdt op een WAO-uitkering. Wel worden uw inkomsten afgetrokken van uw uitkering.

De volgende inkomsten hebben echter geen invloed op uw uitkering:

  • inkomsten van uw partner;
  • uw vermogen of spaargeld;
  • een erfenis;
  • alimentatie;
  • kinderbijslag;
  • huur-, zorg- of kinderopvangtoeslag die u van de Belastingdienst ontvangt;
  • een onkostenvergoeding voor vrijwilligerswerk ( met een maximum van € 150 per maand).

STOPZETTING WAO-UITKERING

Een WAO uitkering kunt u onder omstandigheden tot uw 65e jaar blijven ontvangen. Er geldt echter geen vaste einddatum omdat u natuurlijk altijd minder arbeidsongeschikt kunt worden in de loop van tijd.

Gaat het UWV na herbeoordeling van uw gezondheid over tot beëindiging van uw WAO-uitkering omdat zij meent dat u minder dan vijftien procent arbeidsongeschikt bent en bent u het daar niet mee eens? Neem contact op met Sociaal Verhaal voor een gratis advocaat!

Omdat op voorhand niet valt in te schatten of u in bezwaar of beroep uiteindelijk in het gelijk wordt gesteld en u over de periode die gemoeid is met het voeren van een procedure ook inkomsten nodig heeft adviseren onze advocaten u om direct na stopzetting in ieder geval na te gaan of u mogelijk in aanmerking komt voor (herleving van) een WW-uitkering van het UWV of een bijstandsuitkering van uw gemeente.

Heeft u problemen met het UWV? en wilt u dat Sociaal Verhaal u bijstaat ? Neem dan contact op via www.sociaalverhaal.com

WIA UITKERING

Indien u door uw ziekte nog maar 65% of minder van uw oude loon kunt verdienen en u bent bijna 2 jaar ziek bent, heeft u misschien recht op een WIA-uitkering. WIA staat voor: Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen. De WIA bestaat uit 2 regelingen, namelijk WGA en IVA. Waar u recht op heeft, hangt er vanaf of u in de toekomst kunt werken.

IVA UITKERING

IVA staat voor: Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten. U krijgt mogelijk IVA als uit de beoordeling van het UWV blijkt dat u 20% of minder van uw oude loon kunt verdienen en dat dit in de toekomst vrijwel zeker ook zo blijft.

WGA UITKERING

WGA staat voor: Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten. U krijgt mogelijk WGA als u 2 jaar of langer ziek bent, uit de beoordeling van het UWV blijkt dat u 65% of minder van uw oude loon kunt verdienen en u (in de toekomst) kunt werken.

Er zijn 3 verschillende WGA-uitkeringen. Welke WGA-uitkering u krijgt, hangt af van uw situatie. Meestal ontvangt u eerst een loongerelateerde uitkering. Daarna volgt óf een loonaanvullingsuitkering óf een vervolguitkering.

Loongerelateerde uitkering (LGU)

U krijgt een loongerelateerde uitkering (LGU) als het volgende voor u geldt:

– U kunt door ziekte 65% of minder verdienen van uw oude loon;

– En u heeft in de 36 weken vóór uw eerste ziektedag, in minstens 26 weken gewerkt.

Heeft u in de laatste 36 weken minder dan 26 weken gewerkt? Dan krijgt u geen loongerelateerde uitkering, maar loonaanvullingsuitkering of een vervolguitkering.

Loonaanvullingsuitkering (LAU)

U krijgt een loonaanvullingsuitkering in de 2 volgende situaties:

  1. U kunt nu maximaal 20% van uw oude loon verdienen, maar in de toekomst kunt u waarschijnlijk meer verdienen en u komt niet (meer) in aanmerking voor de loongerelateerde uitkering.
  2. U kunt door ziekte 65% of minder van uw oude loon verdienen en u verdient minstens de helft van wat u kunt verdienen en u komt niet (meer) in aanmerking voor de loongerelateerde uitkering.

VERVOLGUITKERING (VVU)

U krijgt een vervolguitkering als het volgende voor u geldt:

– U kunt door ziekte 20 tot 65% van uw oude loon verdienen;

– En u verdient minder dan de helft van wat u kunt verdienen;

– En u komt niet (meer) in aanmerking voor de loongerelateerde uitkering.

WIA BEOORDELING VAN MIJN GEZONDHEID

  1. Beoordeling door de verzekeringsarts

De verzekeringsarts van UWV wil een beeld krijgen van uw lichamelijke of psychische klachten. Waar heeft u last van en hoe ontwikkelt dat zich? Hij beoordeelt wat u wel en wat u niet kunt doen. En of u daarbij last heeft van pijn of andere problemen. De arts beoordeelt ook of de klachten tijdelijk zijn of blijvend.

Meestal vraagt de arts ook naar uw dagelijkse bezigheden of hobby’s. En als het nodig is, doet de arts een lichamelijk onderzoek. Soms wil de verzekeringsarts nog overleggen met uw huisarts of specialist. Of heeft hij van hen aanvullende gegevens nodig. De arts vraagt uw toestemming hiervoor. Wat hij van uw huisarts of specialist te horen krijgt, mag hij alleen met u bespreken.

Vindt de verzekeringsarts van UWV dat u mogelijkheden heeft om te werken? Dan krijgt u een uitnodiging voor een gesprek met de arbeidsdeskundige. Blijkt uit het gesprek met de arts echter dat u nu niet kunt werken en in de toekomst vrijwel zeker ook niet, dan krijgt u misschien een IVA-uitkering en zal het UWV afzien van een arbeidsdeskundige beoordeling.

  1. Beoordeling arbeidsdeskundige

De arbeidsdeskundige beoordeelt wat voor werk u (nog) kunt doen en hoeveel u daarmee zou kunnen verdienen. Hij kijkt daarbij naar uw opleiding en uw (werk)ervaring. En hij kijkt natuurlijk naar uw mogelijkheden en beperkingen die de verzekeringsarts heeft vastgesteld. Indien u 65% of minder van uw oude loon kunt verdienen krijgt u een WIA-uitkering.

De arbeidsdeskundige kiest 3 soorten werk die geschikt voor u zijn en bekijkt wat u met deze 3 banen kunt verdienen. Hij neemt dan het middelste loon en berekent het verschil met het loon dat u verdiende voordat u ziek werd. Dit verschil bepaalt uw arbeidsongeschiktheidspercentage en geeft dus aan wat u nu niet meer kunt verdienen met werk.

Maak bezwaar tegen het UWV en krijg het geld waar u recht op heeft.

BESLISSING OVER MIJN WIA-AANVRAAG

Binnen 8 weken na uw WIA-aanvraag weet u of u een WIA-uitkering krijgt. Indien nodig kan het UWV deze termijn echter verlengen, in welk geval u per brief geïnformeerd wordt over de nieuwe beslisdatum.

Indien het UWV te laat is met beslissen op uw aanvraag krijgt u automatisch een voorschot op de WIA-uitkering. Als achteraf blijkt dat u geen recht heeft op de WIA-uitkering moet u het voorschot echter terugbetalen.

Als u het niet eens bent met de beslissing op uw aanvraag kunt u daar bezwaar tegen indienen bij het UWV. Het bezwaar moet binnen zes weken worden ingediend. Na deze termijn wordt het besluit van het UWV onherroepelijk en zal uw bezwaar niet-ontvankelijk worden verklaard.

WIA-UITKERING AFGEWEZEN? BEZWAAR MAKEN

Is uw aanvraag voor een WIA-uitkering afgewezen? Bel Sociaal Verhaal, indien nodig helpen onze advocaten u direct, meestal gratis en dienen voor u het UWV bezwaar in.

WAAR EN WANNEER VRAAG IK EEN WIA-UITKERING AAN?

U kunt een WIA-uitkering aanvragen bij het UWV. U vraagt de WIA-uitkering aan als u bijna 2 jaar (104 weken) ziek bent, en u daardoor 65% of minder kunt verdienen van uw oude loon. Na 2 jaar (104 weken) ziekte betaalt uw werkgever uw loon namelijk niet meer door of stopt uw Ziektewetuitkering. Doe de aanvraag uiterlijk in de 93e week dat u ziek bent; dat is na ongeveer 1 jaar en 9 maanden ziekte.

IK HEB AL EENS EERDER WIA AANGEVRAAGD? WAT NU?

Had u al eens een WIA-uitkering en is die gestopt? Of is uw eerdere WIA-aanvraag afgewezen? Als uw gezondheid verslechtert, kunt u soms weer uw oude WIA-uitkering krijgen. Of u krijgt alsnog een WIA-uitkering. De normale wachttijd van 2 jaar (104 weken) geldt daarbij niet indien:

  1. Uw uitkering minder dan 5 jaar geleden stopte, omdat u weer 65% of meer van uw oude loon kon verdienen. En nu is uw gezondheid verslechterd door dezelfde oorzaak;
  2. Uw aanvraag korter dan 4 weken geleden is afgewezen en u sindsdien minder kunt werken omdat uw gezondheid slechter is geworden door dezelfde of een andere oorzaak’
  3. Uw aanvraag minder dan 5 jaar geleden is afgewezen omdat u 65% of meer van uw oude loon kon verdienen maar uw gezondheid nu slechter is geworden door dezelfde oorzaak.

KAN IK OOK VERVROEGD EEN WIA UITKERING AANVRAGEN?

Kunt u niet meer werken, ook in de toekomst niet? Bijvoorbeeld door een ernstige ziekte of een ongeval? Dan kan uw bedrijfsarts of arbodienst u adviseren om vervroegd een WIA-uitkering aan te vragen. U mag de uitkering na minimaal 3 weken ziekte aanvragen. Vraag de uitkering wel aan vóórdat u 68 weken ziek bent.

WAT GEBEURT ER ALS IK TE LAAT EEN WIA-UITKERING AANVRAAG?

Ontvangt het UWV uw aanvraag voor de WIA-uitkering te laat? Dan krijgt u de uitkering ook later. Uw werkgever moet dan langer uw loon doorbetalen. Alleen als door uw schuld de uitkering te laat is aangevraagd, hoeft uw werkgever uw loon niet langer door te betalen. Vraag uw WIA-uitkering daarom op tijd aan, dan zit u niet zonder inkomen.

Bent u het niet eens met een beslissing van het UWV? Bijvoorbeeld omdat uw IOAW, IOW of IOAZ uitkering wordt verlaagd of uw aanvraag voor een IOAW, IOW of IOAZ uitkering is afgewezen? Dan kunt u bezwaar maken.

U kunt hulp bij uitkering krijgen voor uw zaak van Sociaal Verhaal

Wilt u bezwaar maken, maar wilt of kunt u dit niet zelf doen? Dan kan zo nodig een van de gespecialiseerde advocaten via Sociaal Verhaal de bezwaarprocedure voor u voeren als uw gemachtigde. Neem daarom nu contact met ons op voor hulp bij uitkering! Heeft u meer tijd nodig om een bezwaarschrift te versturen? Bijvoorbeeld omdat u nog niet alle informatie heeft verzameld of omdat u nog met iemand wilt overleggen? Dan kunnen onze advocaten een voorlopig (pro forma) bezwaarschrift voor u indienen.

BEZWAAR IOAW, IOW IOZ UITKERING GEMEENTE

Indien u het niet eens bent met de beslissing van de gemeente over uw IOAW-uitkering kunt u hier binnen 6 weken bezwaar tegen indienen bij uw gemeente. Tegen de beslissing op bezwaar kunt u zo nodig binnen 6 weken beroep instellen bij de rechtbank bij de rechtbank. Tegen de uitspraak van de rechtbank kunt u vervolgens nog in hoger beroep gaan bij de Centrale Raad van Beroep.

Bent u het niet eens met een beslissing van het UWV? Bijvoorbeeld omdat uw IOAW, IOW of IOAZ uitkering wordt verlaagd of uw aanvraag voor een IOAW, IOW of IOAZ uitkering is afgewezen? Neem dan contact op met Sociaal Verhaal.

VOORWAARDEN IOAW-UITKERING

U komt in aanmerking voor een IOAW-uitkering indien u onvoldoende inkomen heeft om van te leven. Hierbij telt het inkomen van uw partner wél en dat van uw kinderen niét mee.

Daarnaast moet u ten minste aan één van de volgende voorwaarden voldoen:

  • U bent op of na uw 50e maar voor uw 60e jaar werkloos geworden en kreeg langer dan 3 maanden een loongerelateerde WW-uitkering maar u heeft de AOW-leeftijd nog niet bereikt;
  • U heeft op of na uw 50e jaar gedeeltelijk arbeidsongeschikt bent geworden en recht heeft gehad op een loongerelateerde WGA-uitkering waarna deze uitkering is gestopt omdat u bij uw herkeuring voor minder dan 35% arbeidsongeschikt bent verklaard;
  • U bent gedeeltelijk (minder dan 80%) arbeidsongeschikt en had voor de komst van de WIA (op 29 december 2005) een IOAW-uitkering. Door de invoering van de WIA geldt de IOAW niet meer voor gedeeltelijk arbeidsongeschikte oudere werklozen. Als u tot die groep behoort, ontvangt u mogelijk wel een toeslag op grond van de Toeslagenwet. Alleen indien u op 29 december 2005 al een IOAW-uitkering had en u geen recht heeft op een toeslag op grond van de Toeslagenwet, blijft u uw aanvullende IOAW-uitkering behouden.

VOORWAARDEN IOW UITKERING

Om een IOW-uitkering te krijgen na afloop van uw WW-uitkering, moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • U was 60 jaar of ouder toen u werkloos werd;
  • Uw WW-uitkering is begonnen na 30 september 2006 en voor 1 januari 2020.
  • U kreeg langer dan 3 maanden een WW-uitkering omdat u aan de jareneis voor de WW voldeed;
  • U heeft de einddatum van uw WW-uitkering bereikt.

IOW-UITKERING NA AFLOOP VAN WGA-UITKERING

Om een IOW-uitkering te krijgen na afloop van uw loongerelateerde WGA-uitkering moet u aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • U was 60 jaar of ouder toen uw WGA-uitkering inging;
  • Uw WGA-uitkering is begonnen na 31 december 2007 en voor 1 januari 2020;
  • U heeft de einddatum van de loongerelateerde WGA-uitkering bereikt.

Indien u voordat u arbeidsongeschikt werd recht had op een WW-uitkering heeft u alleen recht op een IOW-uitkering in de volgende situatie:

  • U werd werkloos na 30 september 2006;
  • U was op de 1e dag van uw werkloosheid 60 jaar of ouder.

VOORWAARDEN IOAZ-UITKERING

  • U kunt een beroep doen op een IOAZ-uitkering indien:
  • Uw bedrijf onvoldoende opbrengt om van te leven;
  • U 55 jaar of ouder bent maar de AOW-leeftijd nog niet heeft bereikt;
  • U ten minste 10 jaar als zelfstandige heeft gewerkt (of 3 jaar mits u daarvoor 7 jaar in loondienst heeft gewerkt);
  • U 1225 uur of meer per jaar in uw eigen bedrijf heeft gewerkt (indien uw partner ook meewerkte moet u minimaal 875 uur per jaar hebben gewerkt en uw partner minimaal 525 uur);
  • De winst uit uw bedrijf de laatste 3 jaar onder een vastgesteld drempelbedrag is gebleven (van thans € 23.124 bruto gemiddeld per jaar);
  • U voor de toekomst een inkomen verwacht dat lager ligt dan een vastgesteld drempelbedrag (van thans € 23.872 bruto per jaar).

In uitzonderlijke gevallen komen ook gedeeltelijk arbeidsongeschikte zelfstandigen in aanmerking voor een IOAZ-uitkering. Neem contact op met uw gemeente voor de mogelijkheden.

WAT ZIJN DE VERSCHILLEN EN OVEREENKOMSTEN TUSSEN IOAW EN IOW

De IOAW en de IOW lijken erg veel op elkaar. Toch zijn er wel een aantal verschillen. Zo wordt de IOW uitgevoerd door het UWV en de IOAW door de gemeente en wordt het inkomen van uw partner bij de IOW buiten beschouwing gelaten.

Voor de IOW gelden verder dezelfde voorwaarden als voor de IOAW. De belangrijkste zijn:

  • U bent verplicht om inlichtingen te verstrekken die van belang zijn om het recht op uitkering te kunnen vaststellen;
  • U moet solliciteren en algemeen geaccepteerd werk dat wordt aangeboden aannemen;
  • U mag gedurende maximaal zes maanden in het buitenland (EU en EER landen + Zwitserland) naar werk zoeken, u moet dan wel een verklaring overleggen van een toekomstig werkgever die u voor tenminste zes maanden wil aannemen.

Het UWV kan u onder omstandigheden een individuele ontheffing geven van deze verplichtingen. Dit bijvoorbeeld indien er sprake is van vrijwilligerswerk of mantelzorg of u plotseling geconfronteerd wordt met een crisissituatie.

Komt u uw verplichtingen niet na dan kan uw uitkering bijvoorbeeld worden beëindigd of kan er een boete worden opgelegd.

ZELF EEN BEZWAAR INDIENEN OF DOOR EEN ADVOCAAT?

U kunt natuurlijk ervoor kiezen om zelf een bezwaar bij het UWV of de gemeente in te dienen indien u een probleem heeft met uw IOAW, IOW of IOAZ uitkering en in sommige gevallen kan dat ook. Met name gezien de complexiteit van de regelgeving en het tempo en de regelmaat waarmee bestaande regelingen worden vervangen door nieuwe regelingen, kan het echter behoorlijk ingewikkeld zijn om zelf bezwaar aan te tekenen. Bovendien kan het verstrekkende gevolgen hebben voor uw zaak wanneer het bezwaarschrift onjuist of onvolledig is of bepaalde bezwaargronden ten onrechte niet worden aangevoerd. Wij adviseren u dan ook om eerst contact op te nemen met Sociaal Verhaal of het voor u raadzaam is om u bij te laten staan door een van onze gespecialiseerde advocaten. Dit kan gratis als u geen inkomen heeft.

HOOGTE EN DUUR IOAZ

De hoogte van uw IOAZ-uitkering is afhankelijk van onder andere uw gezinssituatie, partnerinkomsten en andere neveninkomsten. Indien u een IOAZ-uitkering aanvraagt kijkt uw gemeente altijd naar uw financiële situatie. Als u of uw partner nog andere inkomsten heeft ( zoals salaris, pensioen of VUT e.d.), heeft dat gevolgen voor uw uitkering. Inkomsten uit alimentatie, onderverhuur of inkomsten van een kostganger hebben géén invloed op uw IOAZ-uitkering. Een (bedrijfs)vermogen tot een bepaald drempelbedrag (van € 130.081,- per 2016) heeft geen invloed op de hoogte van uw uitkering. Als u meer vermogen hebt, houdt de gemeente elk jaar 5% van dat vermogen in op uw uitkering. Dit deel wordt gekort op uw IOAZ-uitkering.

De bruto IOAZ-uitkering per maand, inclusief vakantietoeslag, bedraagt per 1 januari 2016:

Alleenstaande zonder kostendeler(s)   € 1.237,10

Alleenstaanden met kostendeler(s)      € 1.128,43

Gehuwden en samenwonenden            € 1.598,50

Deze bedragen zijn bruto. Dit betekent dat belasting en premies er nog af gaan. Het netto bedrag dat u overhoudt komt overeen met een uitkering op bijstandsniveau. U ontvangt de uitkering zolang dat nodig is, maar uiterlijk tot uw pensioengerechtigde leeftijd.

WAT IS DE IOAW?

De IOAW is een wet die sterk lijkt op de bijstandswet. Het belangrijkste verschil is dat voor een IOAW-uitkering bepaalde inkomsten niet meetellen voor uw recht op een uitkering en dat uw vermogen wordt vrijgelaten. U hoeft anders dan in de bijstand uw eigen huis dus niet ‘op te eten’.

Inkomsten die níet van invloed zijn op uw IOAW-uitkering:

  • Periodieke uitkeringen uit een zogenaamd stamrecht dat met een eenmalige ontslagvergoeding (door de werkgever) door u is aangekocht. U moet dan wel aantoonbaar een vrije keuze hebben

gehad bij de besteding van de eenmalige ontslagvergoeding;

  • Inkomsten van uw minderjarige kinderen;
  • Onderhuur, verhuur en kostgeld;
  • Alimentatie;
  • Rente over uw spaargeld;

Er wordt bij een IOAW-uitkering wél rekening gehouden met:

  • Het inkomen van uw partner;
  • Inkomsten uit arbeid zoals loon, komen uit een levensloopregeling, winst uit onderneming en freelance inkomsten. Inkomsten uit arbeid kunnen echter gedurende maximaal zes

aaneengesloten maanden gedeeltelijk vrijgelaten worden tot maximaal 25 % van deze inkomsten met een maximum van € 288,14 bruto per maand;

  • Inkomsten die voortkomen uit salaris, zoals een WW- of een WAO-uitkering.

WANNEER HEEFT U GEEN RECHT (MEER) OP IOW-UITKERING?

  • U heeft geen recht (meer) op een IOW-uitkering indien u:
  • Geen verblijfsstatus heeft/ illegaal bent;
  • Gedetineerd bent;
  • De 65-jarige leeftijd heeft bereikt;
  • uw WW-uitkering blijvend geheel geweigerd is;
  • niet meer in Nederland woont.

Neem voor hulp bij uitkering en de mogelijkheden voor bezwaar en beroep contact op met Sociaal Verhaal. Wij voorzien u van een gratis advocaat als dit voor uw situatie de oplossing is. www.sociaalverhaal.com