uitkering terugbetalen

Bijstandsuitkering en samenwonen

U ontvangt een bijstandsuitkering en wilt samenwonen. Als u gaat samenwonen, heeft dit gevolgen voor de bijstand. Uw recht op bijstand kan eindigen en de hoogte van uw bijstandsuitkering kan worden verlaagd bij samenwonen. Ook stoppen met samenwonen, kan  gevolgen hebben voor uw recht op bijstand. Met wie u gaat samenwonen maakt niet uit. Of dit een goede vriend of vriendin is, een broer of zus of ander familielid, maakt niet uit. Alleen wanneer u samenwoont met een familielid in de eerste graad, zoals ouders met kinderen, is er geen sprake van samenwonen volgens de Participatiewet. Voor de bijstand is er sprake van samenwonen als het om twee personen gaat. Als u met meer personen op één adres woont, dan kijkt de gemeente met welke persoon u samenwoont.

Samenwonen en bijstand advies

Wilt u gaan samenwonen in de bijstand, bel dan naar Sociaal Verhaal voor advies. Het is raadzaam om vooraf advies in te winnen voordat u aan de gemeente meldt dat u gaat samenwonen met een bijstandsuitkering. Wij kunnen voor u controleren of de situatie waarin u wilt gaan samenwonen gevolgen heeft voor uw bijstand of voor de bijstandsuitkering van u beiden. Indien u zomaar intrekt bij iemand met een bijstandsuitkering, kan de bijstand van de hoofdbewoner worden stopgezet door de gemeente. Ook wanneer u zelf een bijstandsuitkering ontvangt en u wilt met iemand gaan samenwonen zonder een bijstandsuitkering, is de kans groot dat de gemeente uw uitkering zal stopzetten. Overleg daarom vooraf met Sociaal Verhaal wat de gevolgen zijn voor uw recht op bijstand wanneer u bij iemand intrekt of als u zelf gaat samenwonen.

Hoofdverblijf in dezelfde woning

Heeft u uw hoofdverblijf in dezelfde woning, dan neemt de gemeente al snel aan dat u samenwoont. Dit is het geval als u voor elkaar zorgt of elkaar financieel ondersteunt of het grootste gedeelte van de tijd samen in dezelfde woning bent. Volgens de gemeente heeft u dan samen één hoofdverblijf. Dit geldt zelfs als u allebei een eigen huurwoning heeft. Als u het grootste deel van de tijd bij elkaar bent, dan heeft dit gevolgen voor uw recht op een bijstandsuitkering als alleenstaande. Neemt u gelijk met ons contact op als de gemeente het vermoeden heeft dat u uw hoofdverblijf heeft in dezelfde woning. De gemeente kan bij het vermoeden van een hoofdverblijf in dezelfde woning namelijk uw recht op bijstand al opschorten en later intrekken en bijstand terugvorderen. U dient dan ook op de juiste wijze het vermoeden tot samenwoning van de gemeente te weerleggen. De gemeente zal dan onderzoeken of u gezamenlijke lasten betaalt, zoals auto, vakantie en boodschappen. Of u een gezamenlijke bankrekening heeft en of u regelmatig geld aan elkaar overmaakt. Of samen één auto gebruikt, samen huishoudelijk werk doet (wassen, strijken, koken). En of u samen op vakantie gaat. Als u elkaar tot erfgenaam of in het testament heeft benoemd, dan is dit eveneens een vermoeden voor een hoofverblijf in dezelfde woning voor de gemeente.

Samenwonen gezamenlijke huishouding

In sommige gevallen neemt de gemeente aan dat er sprake is van samenwonen en een gezamenlijke huishouding. Dit is een rechtsvermoeden van samenwonen en een gezamenlijke huishouding. De gemeente onderzoekt dan niet meer of u voor elkaar zorgt of elkaar financieel ondersteunt.  Als u uw hoofdverblijf heeft met iemand met wie u gehuwd bent geweest, of heeft samengewoond in een relatie,  in de afgelopen twee jaar. Of u met degene een kind heeft of een samenlevingscontract waarin staat dat u een bijdrage aan het huishouden levert. En als u bij uw ziektekostenverzekeraar als samenwonend staat geregistreerd, dan gaat de gemeente ook uit van een gezamenlijke huishouding.

Uitkering gestopt

Velden met een * zijn verplicht.


Wilt u gaan samenwonen in de bijstand, bel dan naar Sociaal Verhaal voor advies. Het is raadzaam om vooraf advies in te winnen.

Samenwonen met huurovereenkomst

Woont u met iemand samen met wie u een huurovereenkomst heeft? Dan is er in beginsel geen sprake van samenwonen. U moet dan wel aantonen dat u op basis van een huurovereenkomst samenwoont en de huurbetalingen kunnen aantonen met bankafschriften of kwitanties. In de meeste andere gevallen is de kostendelersnorm van toepassing. Dit heeft gevolgen voor de hoogte van uw uitkering. Bijvoorbeeld als u samenwoont met uw ouder of met een meerderjarig kind. En bent u broer en zus en u woont samen waarbij één van uw beiden dagelijks hulp nodig heeft van de ander,  dan wordt u niet als partners aangemerkt, maar is wel de kostendelersnorm van toepassing. Neemt u bij twijfel contact op met Sociaal Verhaal. Dit voorkomt onnodige discussies met de gemeente over de hoogte van uw bijstandsuitkering.